Koningsdag vormt een contrast met het religieuze leven. Hoe verhouden die twee zich tot elkaar? Ben Frie sj denkt terug aan vorig jaar toen de twee ineens dichtbij elkaar kwamen en Paus Franciscus werd begraven op Koningsdag.
We zaten netjes op een rij voor het scherm. Vier jezuïeten hadden positief gereageerd op het verzoek van de NOS (de Nederlandse VRT) om in het journaal van 8 uur een toelichting te geven hoe wij die 27e april in 2025 beleefden. Wat het voor de redactie interessant maakte was de zeldzame combinatie van de uitvaart van paus Franciscus en Koningsdag. Wij bewonen een pastorie in hartje Amsterdam, recht tegenover het Spui, en inderdaad zag je naast ons televisiescherm door de ramen hoe de straat en de gracht al enigszins oranje begon te kleuren en men was vooral benieuwd hoe wij de combinatie met de uitvaart ervoeren.
Eigenlijk niemand wist meer wat we gezegd hadden
We konden inderdaad enkele zinnen zeggen over onze ervaring met deze paus, maar ook over onze beleving van Koningsdag. Het is in Nederland, maar in grote mate in Amsterdam, echt een nationale feestdag van mensen in oranje uitdossing, vrije handel in van alles (bier – hapjes – bier en diverse snuisterijen) en niet te vergeten luid knallende muziek op veel locaties. Een waar contrast met de ingetogen sfeer van de indrukwekkende uitvaart op de televisie.
In de dagen erna verbaasde mij het aantal mensen dat meldde ons gezien te hebben. Het journaal heeft hoge kijkcijfers en dat bleek wel uit de vele reacties. Maar wat me nog meer verbaasde is dat al die mensen ons wel gezien en herkend hadden, maar dat eigenlijk niemand meer wist wat we gezegd hadden. Zo relatief is de nieuwsgaring in het journaal blijkbaar. Men had wel opgepikt dat wij er rustig bij konden blijven, die combinatie, en niet schuwden om in de wereld onze plek in te nemen. Tegelijk konden we van harte aanvaarden dat een groot deel van de Amsterdamse populatie er absoluut niet mee bezig was. “Ach”, zei een van ons, “de wereld draait door, met of zonder ons. Maar wij zijn er ook”.
Er is nog een interessante combinatie te melden: als men op straat Koningsdag viert, viert de Kerk op 27 april het feest van Petrus Canisius, de eerste Nederlandse jezuïet uit de 16e eeuw, geboren Nijmegenaar die vooral in de Duitse landen enorm actief is geweest door o.a. colleges te stichten. Hij was betrokken bij het concilie van Trente, naast andere jezuïeten, en – zonder te willen opscheppen (stoefen) – hij heeft een indrukwekkend stempel gedrukt op de spannende situatie van kerk en wereld in zijn tijd, de tijd van wat ‘contrareformatie’ is gaan heten.
Ieder zijn koning
Zo beleven we voortdurend contrasten: de wereld die doordraait en wij met onze geloofsrituelen. Of wij gezien worden en of mensen dan ook horen wat we zeggen – wij zijn er nog en tonen onze aanwezigheid in het besef dat wederzijds respect het mogelijk maakt om in die bonte wereld te kunnen leven en er zinvol aan te kunnen bijdragen. Ieder zijn koning.