Ik wist van het verschijnen van het jongste boek van Johan Bonny, maar voelde me niet aangesproken om het te lezen. De auteur mag dan wel ‘mijn’ bisschop zijn, ik verwachtte niet in zijn pennenvrucht veel nieuws te ontdekken. Na de vraag van de redactie er een recensie over te schrijven ben ik dan ook met lichte tegenzin aan de lectuur begonnen. Al snel werd duidelijk dat mijn vooroordeel ongegrond was. Ik heb het boek niet alleen echt graag gelezen, ik heb er ook heel wat van opgestoken.
Waar staat de katholieke kerkgemeenschap vandaag in een versplinterde wereld vol barsten, tegenstellingen en gewapende conflicten? Waar staat een bisschop? Dat zijn de twee vragen waarop Johan Bonny puttend uit zijn rijke ervaring een antwoord hoopt te vinden. Hij begon zijn carrière als professor kerkgeschiedenis, kerkleer en spiritualiteit in het Brugse seminarie, was van 1997 tot 2008 in Rome staflid van de Pauselijke Raad voor de Bevordering van de Eenheid der Christenen en in 2009 werd hij benoemd als bisschop in het bijzonder multiculturele Antwerpen. Die diverse loopbaan heeft een veelkleurig palet aan ervaringen opgeleverd die volop meeklinken in zijn genuanceerde analyses.
Zoals de titel doet vermoeden staat in elk van de zes hoofdstukken de metafoor van de brug centraal. Het zal een uiterst geschikt beeld blijken om de uitdagingen van de kerk vandaag in kaart te brengen. Bruggen maken bereikbaar wat door aanwezige obstakels aanvankelijk onbereikbaar lijkt. Denkend aan de kerk en haar plek in de wereld, aan obstakels geen gebrek natuurlijk. Johan Bonny benoemt en exploreert ze, maar ziet het als zijn evangelische opdracht over die manifeste hindernissen heen samen met anderen bruggen te blijven bouwen.
De auteur lardeert zijn werk met relevante biografische anekdotes die aangenaam zijn om te lezen
Obstakels zijn er in de geschiedenis van de Kerk overigens altijd geweest. Het eerste hoofdstuk schetst hoe ze altijd verbinding heeft moeten zoeken met de wisselende haar omringende culturen en hoe al die invloeden tot op vandaag hun sporen én specifieke uitdagingen nalaten in theologie en praxis. Meteen krijgen we ook al een voorproefje van één van de ingrediënten die het boek zo leesbaar maken: de auteur lardeert zijn werk met relevante biografische anekdotes. Ze zijn niet alleen aangenaam om te lezen, maar verduidelijken ook waarom bepaalde thema’s hem zo ter harte gaan. Zo houdt hij bijvoorbeeld een hartverwarmend pleidooi voor het begrip ‘volkskerk’ en steekt hij zijn teleurstelling over het kerkelijk standpunt rond anticonceptie en de omgang met lgbtq+personen niet onder stoelen of banken.
In het tweede hoofdstuk staat de spanning centraal tussen het geseculariseerd geloof van onze volksgenoten en dat van de vele religieuze gemeenschappen van niet-Vlaamse herkomst. Bonny verheldert het verschil tussen deze twee ‘oevers’ aan de hand van drie criteria: het godsbesef (of de afwezigheid ervan), de plaats van de heilige geschriften en de uiterlijke manifestatie van het geloof.
Bruggen bouwen vraagt veel tijd, inzet en altijd te vernieuwen vertrouwen
Aan de vrijgekomen tijd tijdens de lockdown danken we mooie bladzijden over Paulus die bruggen bouwde tussen Joden die hopen op wonderen en Grieken die zoekend naar wijsheid, door met verve de kracht van de gekruisigde te verkondigen.
Ook de onontkoombare passage over het seksueel misbruik hangt Bonny op aan Paulus, meer bepaald aan Caravaggio’s meesterwerk De bekering van Paulus. De pijn om eigen en collectief falen is voelbaar, maar er klinkt vooral een sterke oproep om als Kerk een bekeringstijd door te maken en zich bij het uittekenen van concrete maatregelen te laten helpen door bekwame raadgevers met een menswetenschappelijke en juridische achtergrond. Gezien zijn jarenlange inzet voor de oecumene krijgt ook het gesprek met de andere christelijke kerken veel aandacht en natuurlijk kan ook een hoofdstuk over de interreligieuze dialoog niet ontbreken. Altijd weer weet Bonny, vaak met concrete voorbeelden, de moeilijkheden en spanningen eerlijk te schetsen. Nergens ontbreken hoopvolle aanzetten om over de verschillen heen te blijven zoeken naar wat verbinding kan versterken. Vrijwel altijd volgt het ontnuchterende besef dat er vooral nog veel werk te verzetten blijft. Bruggen bouwen vraagt veel tijd, inzet en altijd te vernieuwen vertrouwen.
Het moge duidelijk zijn: voor wie zoekt naar redenen om de Kerk een warm hart te blijven toedragen is dit inspirerend boek een aanrader. Ik ben mijn collega redactieleden dankbaar voor hun zetje. Soms is ongelijk krijgen een cadeau.