Wat denken andere mensen over mij? Welke indruk maak ik? Hoe zie ik eruit? Belangrijke vragen! Zeker in deze tijden van zorgvuldig ontwikkelde digitale identiteiten. Hoe sta ik op Instagram? Maak ik wel een goede indruk op Facebook? Dat zijn zeker niet alleen vragen van deze tijd. Jezus stelde ooit dezelfde vraag lang geleden aan zijn leerlingen (Lukas 9): “Wie zeggen de mensen dat ik ben?”
Een paar weken geleden ben ik tot priester gewijd. De wijding zelf was een overweldigend mooie viering. Hierbij werd ik eerst geroepen voor de bisschop om publiekelijk uit te spreken dat ik priester wilde worden. Vervolgens is het vooral een liturgie die ik ondergaan heb. Je wordt gewijd tot priester doordat over jou het wijdingsgebed wordt uitgesproken en je handen gezalfd worden. Het op de grond liggen van de wijdeling tijdens het langdurige aanroepen van allerlei heiligen toont deze overgave het duidelijkst.
Toen drong het tot mij door dat de aandacht eigenlijk niet naar mij als persoon ging, maar over een functie: een priester.
Na de viering volgde een receptie. Mensen kwamen feliciteren, soms ontroerd, soms enthousiast. Zij waren blij met de wijding en zeiden bijvoorbeeld: “gefeliciteerd met uw wijding. Fijn dat er een nieuwe priester is.” Of: “Ik bewonder u dat u priester bent geworden.” Ik ontving die woorden met dankbaarheid. Toch begon mij gaandeweg iets op te vallen. Hoe verschillend de formuleringen ook waren, de boodschap bleef dezelfde: “ik ben blij dat er een nieuwe priester bij is.” Toen drong het tot mij door dat de aandacht eigenlijk niet naar mij als persoon ging, maar over een functie: een priester. Ik ben nu iets wat helder en duidelijk is. Priester.
Een etiket opgeplakt krijgen is niet makkelijk. Of dit nu priester, politicus, moeder, vader of wat dan ook is. Je bent nu een bepaalde functie. En is er daarmee nog wel ruimte om jezelf te zijn? Kun je wel voldoen aan de rol? Zijn de verwachtingen van de mensen niet veel te hoog?
Jezus krijgt een ingewikkeld etiket opgeplakt. Als hij vraagt: ‘En wie ben ik volgens jullie?’ antwoordt Petrus: ‘De door God gezonden messias.’
Juist in kwetsbaarheid kan nieuw leven worden gegeven
Jezus reactie hierop is opmerkelijk. Hij begint te spreken over de “Mensenzoon” die zal lijden, sterven en uit de dood opgewekt zal worden. Jezus benadrukt zo dat een goddelijke roeping ook mensenwerk is. Ook als de door God gezalfde, zal hij, als zoon van mensen, zijn leven leiden en het Messias-zijn vorm geven.
Jezus reactie geeft mij hoop. Grote functies veranderen niet ons mens zijn. Alleen als mens die ik ben, kan ik proberen het priesterschap vorm te geven. Dat zal soms moeilijk zijn. Jezus noemt niet voor niets het lijden. Maar Hij spreekt ook over opstanding. Over de mogelijkheid dat juist in kwetsbaarheid nieuw leven gegeven wordt.
Wie zeg jij zelf dat je bent?